Broodfonds

Ben jij een zelfstandig ondernemer? Als je een eigen bedrijf hebt en je wordt (langdurig) ziek, dan ben je niet automatisch verzekerd. Wanneer je bijvoorbeeld je been breekt of er is een andere reden waardoor je niet kan werken, dan loop je nogal een risico om zonder inkomen te zitten en wordt je misschien wel arbeidsongeschikt. Er zijn ongeveer anderhalf miljoen zelfstandige ondernemers in Nederland en slechts een vijfde deel hiervan is verzekerd tegen arbeidsongeschiktheid via een arbeidsongeschiktheidsverzekering (AOV). Als zzp’er doe je er goed aan om rekening te houden met de kans dat je misschien een keer ziek wordt of om een andere reden niet meer kan werken. Sinds 2006 is er een alternatief voor de AOV, namelijk het broodfonds.

Wat is een broodfonds?

Je kunt een broodfonds oprichten samen met een groep van minimaal twintig en maximaal vijftig zelfstandige ondernemers. Meestal ken je alle leden uit deze groep al, of je hebt ze leren kennen naar aanleiding van de oprichting van het broodfonds. Het is namelijk belangrijk dat jullie elkaar vertrouwen. Elke maand zet iedereen uit het broodfonds-groep een bepaald bedrag opzij. Mocht jij arbeidsongeschikt raken, dan kun je iedere maand een schenking op je bankrekening verwachten van de andere leden uit jouw broodfonds. Op deze manier kan iedereen elkaar steunen op financieel gebied wanneer het inkomen vervalt door arbeidsongeschiktheid.Broodfonds

Er bestaan verschillende schenkingsniveaus binnen het broodfonds. Dit is het bedrag wat je maandelijks nodig hebt om te kunnen leven en de bedragen liggen tussen €750 en €2500 netto. Hoe meer je inlegt in het broodfonds, hoe hoger je krijgt uitgekeerd, mocht je ooit arbeidsongeschikt raken. Bij het hoogste schenkingsniveau (€2500) moet je zelf per maand €112,50 hebben ingelegd. Bij het laagste schenkingsniveau (€750) kost het je maandelijks €33,75. Je kunt maximaal twee jaar aaneengesloten schenkingen van het broodfonds krijgen, per ziekte.

Dit maandelijkse inlegbedrag komt niet in een grote collectieve pot terecht en hiermee onderscheidt het broodfonds zich van een verzekering. Elk lid van het broodfonds heeft namelijk een persoonlijk broodfondsenrekening bij Triodos Bank Nederland. Hierop wordt het inlegbedrag maandelijks naar overgeschreven en je kan hier ook niet zomaar bij komen. Het geld blijft op deze rekening staan totdat een van de leden van jouw broodfonds-groep arbeidsongeschikt wordt en geld nodig heeft. Mocht je van plan zijn om uit het broodfonds te stappen, dan kun je het opgebouwde geldbedrag op je persoonlijke broodfondsenrekening gewoon weer meenemen. Jouw geld blijft dus ook echt van jou, tot er iemand ziek wordt.

Hoe kan je lid worden en hoe werkt het broodfonds?

Er zijn meerdere manieren waarop je lid kan worden van een broodfonds. Om te beginnen moet je aan een drietal voorwaarden voldoen. Ten eerste: je bent arbeidsgeschikt op het moment dat je toetreedt tot het fonds. Ten tweede moet je al minimaal een jaar ondernemer zijn. Ten derde moet je gemiddeld minstens €750 per maand netto winst uit je onderneming halen. Het broodfonds is bedoeld voor zelfstandigen met en zonder personeel (zzp), vennoten van een Vennootschap onder firma (VOF), maten in een maatschap en directeur-grootaandeelhouders (DGA’s) van een BV. Het maakt verder niet uit wat voor beroep je uitoefent, dus je kunt met allerlei beroepen aansluiten bij een broodfonds.

Wanneer je je aan wil sluiten bij een bestaand broodfonds, kun aangedragen worden door een zzp’er of ondernemer die jij al kent uit dat broodfonds. Ken jij niemand? Dan is er ook de mogelijkheid om naar speciale broodfonds informatieavonden te komen. Ieder broodfonds organiseert verschillende bijeenkomsten zodat alle leden elkaar wat beter kunnen leren kennen. Het broodfonds werkt voor een groot deel op vertrouwensbasis, dus een broodfonds heeft nooit meer dan vijftig leden. Als er teveel leden zijn, ken je elkaar namelijk niet meer zo goed en kun je dus ook niet iedereen vertrouwen. Als jij als zzp negatieve ervaringen hebt met een andere ondernemer, dan kan diegene het jou dus moeilijk maken om toe te treden tot zijn of haar broodfonds. Dit kan natuurlijk ook andersom.Kosten broodfonds

Een andere mogelijkheid is om zelf een broodfonds op zetten samen met andere ondernemers die je in je kenniskring hebt zitten. Het broodfonds wordt opgericht in een vereniging met een bestuur en leden en het broodfonds wordt ingeschreven bij de Kamer van Koophandel. Je moet dan wel minimaal twintig (en zoals eerder gezegd, maximaal vijftig) zzp, freelancers of ondernemers bijeen brengen die in het broodfonds willen. De reden dat er minimaal twintig leden moeten zijn, is dat je maandelijkse inleg anders te hoog wordt. Als er iemand ziek wordt, moet iedereen diegene namelijk kunnen helpen en dit wordt financieel wat moeilijker als je met te weinig leden zit. Schenkingen die onder €2129 vallen, zijn belastingvrij. Iedereen kan natuurlijk arbeidsongeschikt raken, dus om meerdere schenkingen tegelijk aan te kunnen, zou het ideaal zijn om ongeveer veertig leden te hebben in het broodfonds.

Kosten broodfonds

Zoals je al eerder hebt kunnen lezen, moet je als lid zijnde een maandelijks inlegbedrag betalen aan de kosten van het broodfonds. Het inlegbedrag moet minimaal €33,75 zijn en in het geval van van ziekte krijg je een maandelijkse schenking van €750. Maximaal kun je €112,50 inbrengen en dan krijg je €2500 geschonken in geval van ziekte.

Als je een nieuw broodfonds opstart, moeten alle leden €225 betalen voor opstart- en inschrijfkosten. €40 van de €225 inschrijfkosten gaan naar het broodfonds zelf die inmiddels een vereniging is geworden na inschrijving bij de Kamer van Koophandel. De overige €185 gaat naar de BroodfondsMakers, die het geld gebruiken om de oprichting van het broodfonds in goede banen gaat leiden en tevens wordt ook de administratie voor de broodfondsgroep opgezet. De eerste veertig leden moeten het eenmalige bedrag van €185 betalen aan de BroodfondsMakers. Ben jij lid nummer 41 en later, dan zal die €185 naar je eigen broodfondsrekening overgemaakt worden.

Broodfondsen die al een tijd bestaan, hanteren soms een ander inschrijfbedrag. Doe je mee met een bestaand broodfonds, dan betaal je hetzelfde instapbedrag als de andere leden die hier in het fonds zitten. Verder betaal je als broodfondslid naast dit eenmalige opstartbedrag en de maandelijkse inleg, ook nog maandelijkse contributie van €10. Van deze €10 wordt de doorlopende en gezamenlijke kosten betaald. Dit zijn bijvoorbeeld administratie, verenigingskosten en bankkosten.

Van de €10 contributie krijgen de BroodfondsMakers €6. De BroodfondsMakers hebben een belangrijke taak. Zij begeleiden je bij de oprichting van een broodfonds en geven desgevraagd advies aan en over bestaande fondsen. Ook regelen ze de schenkingen en zetten het systeem in werking, zodra iemand ziek en arbeidsongeschikt is geworden en geld nodig heeft. De BroodfondsMakers dienen ook als waakhond en zorgen ervoor dat het concept van het broodfonds als alternatief op een AOV gewaarborgd blijft. Die €6 wordt gebruikt om onder andere de financiële administratie te regelen. Ook regelen zij van dit geld de actuele informatie via de besturenportals en ledenportals, het berekenen en gereed maken van schenkingen aan arbeidsongeschikten en zieken, controlewerkzaamheden, advisering en bestuurstrainingen.

Broodfonds voordelen

De broodfonds ervaringen kunnen verschillen van persoon tot persoon. In het begin van 2018 waren er rond de 330 broodfondsen met bijna 15.000 leden. Hiernaast waren er ook nog eens 500 mensen bezig met de oprichting van een nieuw broodfonds. Dit betekent dus dat het broodfonds een populair alternatief is op de AOV, die vaak nogal duur uit kan vallen voor een zzp.

Het grote voordeel van een een broodfonds is dus dat de kosten doorgaans lager zijn dan de premie voor een AOV. Voor het broodfonds ben je maandelijks tussen de €33,75 en €112,50 (plus €10 contributie) kwijt. Het bedrag voor een AOV-premie verschilt per verzekeraar, maar vaak ben je minimaal €200 aan premie per maand kwijt. Een ander voordeel van een broodfonds ten opzichte van een AOV is dat het geld dat je elke maand stort, van jou blijft. Mocht je ooit besluiten om uit het fonds te stappen, dan krijg je de gestorte bedragen gewoon terug. Daarnaast ken jij alle leden van jouw broodfonds en werkt het principe op basis van onderling vertrouwen. Dit geeft een fijn gevoel en je bent solidair naar elkaar toe.

Broodfonds nadelen

Aan het broodfonds kleven ook een aantal nadelen. Stel bijvoorbeeld dat jij langer dan twee jaar arbeidsongeschikt en ziek blijkt te zijn. Je krijgt na twee jaar geen schenkingen meer uit het broodfonds en hierna zul je aangewezen zijn op de bijstand. Dit in tegenstelling tot een AOV: die geeft je een uitkering zolang je ziekte duurt, tot aan de leeftijd dat je met pensioen gaat. Daarnaast zijn de schenkingen maximaal €2500 netto. Dit kan een nadeel zijn als je meer dan dit bedrag verdiende toen je nog werkte. Een ander aspect waar je rekening mee moet houden, is dat je inleg niet belastingvrij is. Alhoewel schenkingen aan een zieke en arbeidsongeschikt persoon dat wel is, moet je over je maandelijkse inleg wel mogelijk belasting betalen. Tenslotte heeft het broodfonds als nadeel dat je geen professionele en deskundige hulp krijgt, als je weer terug wilt keren naar de arbeidsmarkt. Heb je bijvoorbeeld herscholing nodig, dan wordt er niets geregeld vanuit het broodfonds en moet je hier zelf naar op zoek gaan.

Beoordeel deze pagina